Niet alleen sport en bewegen in de gymzaal, maar meerdere beweegmomenten gedurende de schooldag. Geen eenheid in oefeningen en spelvormen, maar persoonlijke aandacht en ruimte voor verschillen. De rol van de vakleerkracht bewegingsonderwijs is in de afgelopen 100 jaar sterk veranderd. Zo ook de visie op opleiden en beroepsbeoefening.
‘Voorheen was de ALO meer een bewegingswetenschappelijke opleiding, gericht op sport en fitheid’, start Mathieu Voorthuijzen. ‘Pas sinds 1920 is gym een verplicht vak op scholen. In die eerste gymlessen was de inbreng van leerlingen zeer beperkt. Zij kregen echter steeds meer inspraak. Zo ontstond er aandacht voor persoonlijke ontwikkeling.’
‘Beoordelen hoe hoog je springt of hoeveel rondjes je kunt rennen, sluit niet meer aan bij de huidige doelen van ons vakgebied, zoals samen bewegen en het ontwikkelen van een beweegidentiteit’, vult Kick Koenders aan. ‘En hoewel de gymzaal hun thuishonk blijft, jagen vakleerkrachten bewegingsonderwijs op steeds meer plekken het bewegen aan. Kinderen bewegen steeds minder. Ook de school heeft hierin een verantwoordelijkheid. Onze beweegprofessionals zijn nog niet altijd gewend om bewegen vorm te geven in én om school. Uit onderzoek blijkt dat het goed aanleren van vaardigheden invloed heeft op een leven lang met plezier bewegen, maar enkel hiermee red je het niet. Bewegen door de schooldag heen is dus heel belangrijk. Er is momenteel dan ook veel aandacht voor de Dynamische Schooldag. Ook bieden we vanaf studiejaar 2025-2026 een nieuwe minor aan, gericht op bewegen in en om school.’

Mathieu: ‘We werken op de ALO aan een curriculumherziening. Van hieruit gaan we vakleerkrachten bewegingsonderwijs met een brede blik opleiden.’ Kick: ‘Onderzoekend vermogen is hierbij het sleutelwoord. Wanneer je je school en je collega’s mee wilt nemen in een bredere blik op bewegen, dan moet je kunnen onderzoeken wat zij hiervoor nodig hebben.’ Het onderwijs aan de ALO is hiertoe gecentreerd rondom drie pijlers. Kick: ‘De eerste – goed leren bewegen in een pedagogisch fijne omgeving – draait om het creëren van een veilige omgeving, zodat leerlingen tot leren komen. Pijler twee draait om samenwerken met professionals. De uitdagingen rondom bewegen vragen om teamwork. Vanuit een langdurige samenwerking met de Gemeente Amsterdam en verschillende schoolbesturen wordt bijvoorbeeld hard gebouwd aan sterke vakgroepen die met en van elkaar leren.’
‘Pijler drie – ambassadeurschap – is gericht op het aanjagen van bewegen in én om school’, vervolgt Kick. ‘Laat je zien op het schoolplein en vraag je collega’s of het het aanbieden van beweegtussendoortjes lukt.’ Mathieu: ‘Ook buiten de school heb je een voorbeeldfunctie. Als jij met je zongebruinde gezicht en je fluitje om je nek bij de bakker vertelt dat je een paar uurtjes softballes geeft, zal die bakker denken: ‘Heerlijk zo’n relaxte baan!’ Maar als jij vertelt dat je kinderen de hele dag helpt bij het verkennen van een breed motorisch palet, zodat ze een leven lang gezond gaan bewegen, dan kijkt die bakker heel anders naar jou als professional.’ Al het onderwijs aan de ALO is daarbij gericht op de grootstedelijke praktijk van Amsterdam. Mathieu: ‘We leren onze leerlingen omgaan met verschillen. Onze nieuwe opleidingsvariant – de Pabo-ALO – sluit hier heel goed bij aan. Wanneer je een leerling in de gymzaal én in de klas ziet, krijg je een veel breder beeld van iemand en kun je beter inspelen op gedrag.’
Huidige professionals worden in alle nieuwe ontwikkelingen meegenomen via het nascholingsplatform LO in Beweging. Kick: ‘In Amsterdam werken we bijvoorbeeld veel vanuit de driehoek: scholen, gemeente en de Hogeschool van Amsterdam (HvA).’ Hoe ze denken dat de ALO er over honderd jaar uitziet? Mathieu: ‘Ik hoop dat we blijven koersen op kwaliteit en dat gezondheid de boventoon voert in onze maatschappij.’ Kick: ‘Ik hoop vooral dat we gebruik blijven maken van elkaars krachten. Als dat over honderd jaar gemeengoed is, dan ben ik blij.’
Leeftijd: 35 jaar
Deelname ALO: Van 2012 tot en met 2015 als student. Nu werkt hij als opleidingsdocent en ontwikkelaar bij de ALO en de Pabo-ALO én als projectleider bij het lectoraat Bewegen in en om School. Daarnaast verzorgt Kick activiteiten voor het nascholingsplatform LO in Beweging.
Favoriete sport: Buitensporten. Momenteel fietst hij veel met zijn kinderen.
Leeftijd: 55 jaar
Deelname ALO: Van 1989 tot en met 1993 als student. Sinds 2002 werkt hij als docent aan de ALO. Momenteel is hij hoofddocent onderwijs. Hij is actief in de curriculumcommissie van de ALO en coördineert de ontwikkeling van de Pabo-ALO. Daarnaast verzorgt hij activiteiten voor het nascholingsplatform LO in Beweging.
Favoriete sport: Hij is nu vooral betrokken bij de voetbalverenigingen van twee van zijn kinderen.
Waar staan we voor als Academie voor Lichamelijke Opvoeding? Lees de missie en visie via deze link.